De Chianti Classico zone bestrijkt het gebied tussen Firenze en Siena en heeft een aanzienlijke omvang als wijnregio. Vandaar dat er steeds meer wordt gesproken over de subzones, vernoemd naar lokale dorpen of gehuchten: San Casciano, Montefioralle, Panzano, San Donato di Poggio, Castellina, Vagliagli, Greve, Lamole, Radda, Gaiole en Castelnuovo Berardenga.
Bij wijndomeinen met een sterke focus op terroir leveren deze subzones zeer diverse expressies op van de sangiovesedruif. De wijnen zijn vaak op verschillende manieren inzetbaar aan de eettafel of vereisen minder of meer jaren flesrijping om tot volle ontplooiing te komen. We zijn dan ook enthousiast om naast de intieme, ragfijne wijnen van Val delle Corti uit Radda in Chianti, ook de aristocratische, harmonieuze wijnen van Le Cinciole uit Panzano te introduceren.
Le Cinciole wordt geleid door Valeria Viganò en Luca Orsini. Vooraleer ze elkaar leerden kennen was zij wiskundelerares in Milaan en hij een architect in Rome. Gedreven door hun liefde voor de natuur en de droom om ambachtelijke landbouwers te worden kwam het jonge koppel begin jaren negentig aan in de Chianti Classico. In die tijd genoot Chianti nog niet de reputatie die het tegenwoordig als wijnregio heeft. De reden waarom ze voor deze locatie kozen, was eerder toevallig, vooral omdat het ongeveer halverwege Rome en Milaan ligt.
Le Cinciole, afgeleid van het toponiem “Le terre di Quintius”, ligt op een heuveltop ten noorden van Panzano, met wijngaarden die zich hoog bevinden voor de regio, tussen de 430 en 500 meter. Het merendeel van de wijngaarden is gericht naar het zuidoosten, met een panoramisch uitzicht op Lamole en de Monti del Chianti in de verte. De wijngaarden worden blootgesteld aan luchtstromen uit drie richtingen, wat op natuurlijke wijze bijdraagt aan het vrijhouden van planten van ziekten en schimmels.
De bodem speelt een cruciale rol bij het definiëren van het unieke karakter van de wijnen. Bovenop een moederrots van pietraforte (zandsteen) ligt een laag galestro (kleiachtige stenen die onder invloed van atmosferische omstandigheden steeds kleiner fragmenteren). De wijnstokken worden licht gehouden met weinig scheuten en een bladerdek dat precies voldoende is om aan de voedingsbehoeften van de plant en de vruchten te voldoen. De levende bodem wordt alleen bemest wanneer nodig, met organische compost gegenereerd door de natuurlijke fermentatie van snoeiresten. In een gezonde ondergrond kunnen immers de aanwezige micro-organismen en mineralen vrijelijk interageren met de wortels van de planten om ze te voeden.
Alle wijnen fermenteren spontaan in een prachtige kelder, waar bij binnenkomst automatisch rustgevende klassieke muziek, waaronder stukken van Chopin, te horen is. Het merendeel van de productie is gebaseerd op sangiovese. De Chianti Classico, afkomstig van alle percelen, rijpt een jaar in traditionele eikenhouten foeders en een jaar in cementen kuipen. Petresco, een cultwijn van de hoger gelegen wijngaard Sottobosco waar de bodem voornamelijk uit zandsteen bestaat, rijpt twee jaar in barriques en foeders, gevolgd door een jaar in cementen kuipen. De wijn is bestemd voor een langdurige flesrijping. De Chianti Classico Gran Selezione ‘Aluigi’ komt van de lager gelegen wijngaard Campo ai Peri waar meer kalk in de bodem zit en rijpt twee jaar in foeders en een jaar in cement.
Le Cinciole produceert wijnen van een onovertroffen puurheid in de Chianti Classico.